En dat klinkt misschien niet zo erg, tot je merkt dat je kleine keuzes verdwijnen:
-
wanneer je je koffie drinkt
-
hoe laat je opstaat
-
wat je aantrekt
-
wanneer je alleen wilt zijn
-
wanneer je naar buiten wilt
De routine lijkt eerst onschuldig, maar na een tijdje begint het als een kooi te voelen. Je merkt dat je jezelf steeds minder als iemand met een eigen leven ziet, en steeds meer als iemand die “meedraait” in een systeem.
En het pijnlijkste is: als je die zelfstandigheid eenmaal loslaat, komt ze zelden volledig terug.
2. Eenzaamheid kan harder aankomen dan ziekte
Veel mensen denken dat een verpleeghuis een antwoord is op eenzaamheid, omdat er altijd mensen in de buurt zijn. Maar dat is een misleiding. Mensen in dezelfde ruimte betekent niet automatisch verbondenheid.
In het begin zijn er bezoekjes. Er is aandacht. Er zijn vragen: “Hoe is het daar?” Er zijn familieleden die hun best doen om regelmatig te komen. En misschien krijg je zelfs bloemen of kaarten bij de verhuis.
Maar maanden later verandert iets. Niet omdat mensen niet meer om je geven, maar omdat het leven buiten verdergaat.
Werk, kinderen, problemen, afspraken, vermoeidheid, afstand. Bezoekmomenten worden uitgesteld. Telefoontjes worden korter. En soms hoor je dagenlang niets. Je wordt een naam in de agenda, in plaats van een levend onderdeel van hun dagelijks leven.
Het gevolg is een stille pijn: