‘Maar toen ontdekte ik dat geen van deze kinderen ooit een echte kerst heeft meegemaakt. Geen enkele. De oudste is veertien en ze is nog nooit wakker geworden met cadeautjes onder de kerstboom.’ Haar stem brak. ‘Dus ik wilde deze spullen terugbrengen en het geld gebruiken om speelgoed voor ze te kopen. We kunnen wel zonder nieuwe handdoeken. Maar deze kinderen verdienen wel een fijne kerst.’
De manager sneerde: « Mevrouw, ik heb begrip voor uw situatie, maar beleid is beleid. Ik kan geen uitzonderingen maken. »
Ik draaide me langzaam naar hem toe. « Wat is het beleid precies? »
« Retourtermijn van dertig dagen. Ze zit nu op tweeëndertig dagen. Het systeem accepteert het niet. »
‘Twee dagen,’ zei ik. ‘Ze is twee dagen te laat. Voor huishoudelijke artikelen die ze met haar eigen geld heeft gekocht. Zodat ze kerstcadeaus kon kopen voor pleegkinderen.’
Regels zijn regels.
Het jongste kind, een jongetje van misschien vier jaar oud, trok aan de mouw van mama Linda. « Mama, wat is Kerstmis? »
Het werd stil in de winkel.
Mama Linda knielde neer. « Kerstmis is een bijzondere dag waarop mensen cadeaus geven aan de mensen van wie ze houden. De Kerstman brengt speelgoed naar brave kinderen. »
‘Ben ik braaf?’ vroeg het jongetje.
“Je bent heel lief, schatje.”
“Waarom weet de Kerstman dan niet waar ik woon?”