Vrouwen die nooit kinderen hebben gehad, lopen een hoger risico op eierstokkanker, net als vrouwen die vroeg begonnen te menstrueren (vóór hun twaalfde) en/of laat in de menopauze kwamen (na hun vijftigste). Er lijkt een verband te bestaan tussen het aantal menstruaties en het risico op kanker. Zo hebben vrouwen met meer kinderen een kleinere kans op de ziekte.
Bepaalde medicijnen: Hormoontherapie na de menopauze of vruchtbaarheidsbehandelingen (langdurig en in hoge doseringen) kunnen het risico op eierstokkanker verhogen. Sommige studies tonen daarentegen aan dat anticonceptiepillen dit risico verminderen.
Andere risicofactoren: roken, obesitas, gebruik van een spiraaltje en polycysteus-ovariumsyndroom.